16 juni 2026

Werklieden, wetenschappers en gummetjes — industrie in een klein formaat

Werklieden, wetenschappers en gummetjes — industrie in een klein formaat

Stel je voor: het is ergens tussen 1900 en 1920. Een kantoorklerk in Amsterdam scheurt een envelop open die uit Hannover is komen aanwaaien. Aan de achterkant kleeft nog een kleine sticker — een sluitzegel van Ferd. Marx & Co. Erop staat een trotse olifant die een doosje gummetjes omhooghoudt. Radiergummi Elefant ist der beste Weichgummi, belooft de tekst. De beste zachte vlakgom. Een bescheiden reclameboodschap, netjes meegelift op de envelop. Zo werkte dat toen.

Zulke sluitzegels waren de stickers van de vroege twintigste eeuw. Bedrijven lieten ze drukken in kleine formaten — soms nauwelijks groter dan een postzegel, soms iets royaler zoals dit exemplaar van 35 bij 46 millimeter — en plakten ze op hun uitgaande post. Reclame maken zonder er extra voor te betalen. Hetzelfde bedrijf, Ferd. Marx & Co. uit Hannover, deed het nog eens over met een andere zegel: ditmaal voor Perplex, een gum speciaal om inkt en tuschtekeningen mee weg te werken. Op die zegel prijkt een vrolijk jongetje dat zijn gum trots omhoogsteekt aan een schrijftafel. Twee producten, twee zegels, één slim bedrijf.

Niet alle zegels uit die tijd waren voor kantoorspullen. De Vereinigte Schnürriemen-Werke uit het Duitse Barmen — een stad bekend om haar textiel- en lederindustrie — maakte reclame voor Capama-veterstippen van celluloid. Die kleine metalen of kunststof dopjes aan het uiteinde van een schoenveters heetten destijds Nestel of Spitzen, en Capama prees ze aan als unzerstörbar: onverwoestbaar. Op de zegel van 52 bij 37 millimeter zijn de veters zelf te zien, keurig afgewerkt. Ambacht in miniatuur.

Ambacht van een andere soort toont de zegel met metselaars aan het werk. Geen bedrijfsnaam, geen slogan — alleen een zorgvuldig gegraveerde scène van bouwvakkers bij een bakstenen muur. Figuren gebogen over hun werk, steen op steen. Wie deze zegel liet drukken is niet meer te achterhalen, maar de afbeelding ademt de trots van het handwerk.

Dan is er nog de wereld van de wetenschap. Een zegel voor Res Chemicales toont een scheikundige — of misschien een alchemist — temidden van kolven, buisjes en apparaten. Namen als Albertus Magnus, Paracelsus, Lavoisier en Bunsen sieren de rand: een kleine eregalerij van de chemie door de eeuwen heen. Kennis als verkoopargument.

En ten slotte: Sneeuwwitje in Potsdam. A. Grubitz verkocht bleekzeep onder de naam Schneewittchen Bleichseife, en koos voor een vrouw in klederdracht met een gieter als beeldmerk. Witgoed dat écht wit moest worden, lang voor de wasmachine zijn intrede deed.

Zes zegels, zes kleine vensters op een wereld van nijverheid en vindingrijkheid — en er zijn er nog vele duizenden te ontdekken in de collectie.

Zegels in dit verhaal

Schneewittchen Bleichseife – A. Grubitz, PotsdamCapama Celluloid Veterstippen – Vereinigte Schnürriemen-Werke BarmenMetselaars aan het werkRadiergummi Elefant – Ferd. Marx & Co., HannoverRes Chemicales – Chemische Wetenschappen SluitzegelReclamesluitzegel Perplex inkt- en tuschgummi – Ferd. Marx & Co. Hannover

Meer verhalen

Ontdek de hele collectie →